
Wet vervoer binnenvaart
Artikel 5
1
Onze Minister geeft met betrekking tot een binnenschip dat in de openbare registers, bedoeld in afdeling 2 van titel 1 van Boek 3 van het Burgerlijk Wetboek, te boek staat op aanvraag van de desbetreffende eigenaar, de mede-eigenaar of de exploitant van het schip een Rijnvaartverklaring af, mits wordt voldaan aan bij of krachtens algemene maatregel van bestuur te stellen eisen omtrent de nationaliteit alsmede de woon- en verblijfplaats in geval van een natuurlijke persoon onderscheidenlijk de oprichting, de zetel, het centrum van de handelsactiviteit, de plaats, van waaruit de exploitatie wordt geleid alsmede het bestuur en het beheer in geval van een rechtspersoon.
2
De in het eerste lid bedoelde persoon danwel personen aan wie een verklaring is afgegeven, doet respectievelijk doen, elk voor zich, aan Onze Minister onverwijld schriftelijk mededeling van iedere wijziging in de omstandigheden op grond waarvan de verklaring is afgegeven.
3
Onze Minister kan de verklaring ambtshalve of op aanvraag van de persoon of personen aan wie deze is afgegeven, intrekken. Hij trekt de verklaring ambtshalve in, indien niet langer aan de desbetreffende eisen voor afgifte wordt voldaan.
Jurisprudentie bij dit artikel
- Hieronder wordt een selectie van de bijbehorende jurisprudentie getoond.
- Geen resultaten gevonden voor de door u opgegeven zoek termen.